Eindeloos drijfplezier dankzij sloopmateriaal en dieselen op frituurvet…

In de laatste weken van het jaar gaan we graag op zoek gaan naar zaken, die er werkelijk toe doen. En de essentie van het plezier op het water begint toch bij het drijven en blijven drijven. Een solide boot, die vaart en een beetje stuurt. De rest is bijzaak en veelal misbaar comfort. Zeezeiler Martijn Dijkstra (42) brengt deze gedachte ook in de praktijk.

Martijn woont sinds 2005 op zee en zwerft tussen Europa, het Caribisch Gebied en de Amerikaanse Oostkust. Eerst met de 30-voeter ‘Rotop’ (..), sinds 2012 met zijn 50-voeter ‘Prinses Mia’. Hij doet dat met zo min mogelijk spullen. Althans, spullen, die hij moet kopen. Dat gaat ver in zijn geval. Tot aan zijn dieselolie aan toe. Hoe dat kan? Martijn laat zijn Mitsubishi scheepsdiesel op weggegooide diesel en gebruikte frituur olie draaien. Die verzamelt hij in havens, en bij restaurants (“Helaas merk ik wel dat steeds meer restaurants hun frituurolie verkopen aan inzamelaars voor biobrandstof-merken”). Met behulp van een oud t-shirt zeeft hij het vuil er uit en met filters het water. Onwaarschijnlijk? Nee, hij gebruikt weinig anders meer, hoogstens incidenteel een mixje met verse diesel voor een tikkie meer power.

Denk nu niet dat Martijn’s boot een drijvend wrak is. Hij dankt zijn drijfpaleis aan zijn vader in Bruinisse, die hem destijds belde ‘de ideale boot‘ voor hem gevonden te hebben. Het bleek de boot, die Martijn eerder in zijn leven had helpen opknappen. Toen hij op de visserijschool zat en korte tijd werkte op een coaster en een sleepboot. De stalen Prinses Mia – een Duits ontwerp – is ‘een tank op het water’ en weegt 25 ton. “De meeste fenders klappen bij het aanleggen”, zegt Martijn. Over de indeling en inrichting benedendeks lezen we op towndock.net ‘het midden tussen een marine vaartuig en een maritiem museum’. Nee, aan spullen dus geen gebrek. Maar wel spullen van de sloop.

Waterdichte stalen deuren scheiden drie compartimenten. De huiselijke inrichting heeft Martijn de jaren door gratis of voor weinig bijeen weten te brengen, en zal iedereeen direct op zijn gemak stellen. Hoe groot de waterangst of heftig de storm ook mag zijn. Tapijtje op de vloer, een hangende olielamp, een houtkachel, een houten kastdeur met spiegel als decoratief element, messing traptreden-beslag uit een cruiseschip. Het hele schip zit keurig in de verf. Let alleen niet op de kleur, want het zijn allemaal resten. “Vooral de vuilnisbelt op Bermuda is een rijkdom. Het is ongelooflijk hoeveel bruikbare spullen mensen daar weggooien. En soms in perfecte staat…”

Martijn heeft gouden handen en repareert en maakt eigenlijk alles zelf aan boord. Van anker tot en met ankerlier. Daarvoor heeft hij een lasapparaat en een generator aan boord. Regelmatig doen mensen een beroep op hem voor een klusje. Daar kan hij op deze manier van leven. “Ik dacht vroeger dat je veel meer geld nodig had om op een boot te leven. Met de ‘Rotop’ was ik 150 dollar per maand kwijt.” Sinds jaar en dag is hij vaste gast op Bermuda en in de haven van Oriental aan de Amerikaanse oostkust. In Bermuda om zijn dochtertje Mia te bezoeken, die daar woont met haar moeder Ana. In 2012 stapten die ook aan boord, maar een jaar later weer af. Oriental is Martijns vaste stek.

Martijn maakt zich graag nuttig. In Oriental sleept hij een probleemvaartuig van een letterlijk aan lagerwal geraakt Frans stel naar een plek waar het minder in de weg ligt. Terwijl de autoriteiten machteloos staan, lost Martijn het probleem op dankzij het vertrouwen dat hij van de Franse schipper krijgt. Daarvoor heeft hij wel eerst de buitenboordmotor van de Fransoos moeten repareren. Dat er geen ‘merci’ vanaf kon, vindt Martijn niet erg. Hij is er wel de held van varend Oriental mee geworden. En op Bermuda weet hij zelfs nog een wrak te lichten, dat daar in de weg lag.

Dit bijzondere verhaal (hier de uitgebreide Engelse versie met foto’s) dankt u aan het vertrekkersblog Blue Roger. Daarin las ik over de ontmoeting met de schipper van de ‘Prinses Mia’ (Facebook pagina) vorig jaar in het Portugese Portimao. En over zijn opmerkelijke frituur-olie-dieselverhaal, dat me intrigeerde. Even zoeken leverde dit bijzondere leven op zee op. Mooi om zich aan het eind van het jaar even aan te spiegelen. Want hoe u zich ook in Martijn’s leven terugvindt (of niet), het maakt één ding duidelijk. Een boot, die drijft is het belangrijkste wat je voor je vaarplezier nodig hebt. De rest is luxe en kan je eventueel ook bij elkaar sjaggeren, zelfs op de sloop. Ik wens u voor 2018 een goede vaart met veel drijfplezier!

Met vriendelijke groet,

Bert Kuijpers,
schipper van Nauticlink

20/12/2017

Eén gedachte over “Eindeloos drijfplezier dankzij sloopmateriaal en dieselen op frituurvet…”

  1. Met plezier en verbazing heb ik dit leuke artikel gelezen waarvoor mijn dank.

    Fijne feestdagen gewenst.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *