Verdronken maar onsterflijk

De eerste editie van de ‘Observer Single-handed Trans-Atlantic Race’ (OSTAR) werd in 1960 na veertig dagen (..) gewonnen door de legendarische zeiler Francis Chichester met z’n Gypsy Moth III. Vier jaar later won de even legendarische Fransman Eric Tabarly de race met Pen Duick II op verbluffende wijze in ‘slechts’ 27 dagen. Afgelopen 10 mei heeft François Gabart ‘The Transat‘ van Engeland naar Amerika in acht dagen gewonnen…

De winnaar van de 2008 editie, Loïck Peyron (56), is dit keer met de zelfde Penduick II van Tabarly vertrokken – net als toen – zónder electronica aan boord. Uit eerbetoon aan de winnaar van 1964. Uit eerbetoon? Ja, want de in het harnas gestorven Eric Tabarly (1931-1998) is de Franse ‘Conny van Rietschoten’ in het kwadraat.

Tabarly is de godfather van een heel contingent Franse oceaanzeilers, die al decennia lang de transatlantische zeilerij regeren. Zijn leven is verweven met de wederopbouw van het Frankrijk na de tweede wereldoorlog. Een man van weinig woorden, betrouwbaar, gek op techniek en avontuur. Dat werd hem in Bretagne al met de paplepel ingegoten, toen zijn vader in 1938 een boot van ontwerper William Fife kocht en deze herdoopte in ‘Pen Duick’ (Bretons voor ‘zwartkopmees’). De boot dateerde uit 1898.

In de na-oorlogse jaren, waarin vaderland, leger, en dienstplicht nog heilig waren, wordt Tabarly in 1952 toegelaten tot de marine luchtvaartdienst. Het is de tijd, dat de kolonieën zich trachten te bevrijden van hun overheersers. Tabarly dient als piloot in Marokko en Indochina. In 1958 lukt het hem bij een tweede poging op de school voor marine officieren te komen. Vijf jaar later is Tabarly gezagvoerder op een landingsvaartuig met thuishaven Lorient.

Intussen heeft vader Tabarly, die sinds 1947 al niet meer vaart, de verwaarloosde Pen Duick maar aan Eric overgelaten. Die begint de houten Pen Duick in 1956 op te knappen, maar al snel blijkt het een regelrecht wrak. Polyester is nog maar net uitgevonden en Eric krijgt het idee om de oude Pen Duick als mal te gebruiken en daar een nieuwe polyester romp uit te maken. Twee jaar later ziet een herboren Pen Duick op de Costantini-werf het daglicht en in 1959 gaat de boot te water.

Tabarly koopt nieuwe zeilen en doet mee aan de Engelse RORC-wedstrijden in 1960, 1961 en 1962. Van zijn werkgever krijgt hij vervolgens de gelegenheid om deel te nemen aan de OSTAR van 1964. Hij traint op een boot van 9,65 meter van de broers Costantini en komt tot de ontdekking dat hij ook zo’n groter exemplaar best alleen aan kan. Speciaal voor de race – destijds een unicum – ontwerpt hij zodoende de Pen Duick II, een ketch (twee masten) van 13,60 meter en wint daarmee op 18 juni 1964 de OSTAR in Newport, vóór Francis Chichester, de winnaar van de eerste editie.

De roem kan niet op. Als de man die ‘het zeezeilen naar Frankrijk terugbrengt’, onderscheidt de toenmalige president Charles de Gaulle hem pardoes met de ‘Légion d’honneur’. In 1966 laat de marinier, commando en solozeiler de Pen Duick III bouwen, waarmee hij de meeste overwinningen zou behalen. Maar tegelijk beseft hij na één keer meegevaren te hebben op de in de Round Britain Race succesvolle trimaran ‘Toria’, dat multihulls de toekomst zijn.

De Pen Duick IV voor de ‘Transat’ van 1968 is dan ook een trimaran. De boot is echter te laat klaar, niet in orde en Tabarly moet de race opgeven. Maar in 1976 wint Tabarly de ‘Transat’ opnieuw. Nu met de 22-meter lange aluminium Penduick VI, een boot voor een vijftienkoppige bemanning. Voor zijn tweede OSTAR wordt Tabarly gehuldigd op de Champs Elysées en zijn naam en faam groeien naar ongekende hoogte. Het succes stelt hem meteen mooi in staat om als eerste te experimenteren met van alles en nog wat: een balansroer, bulbkiel, wishbone-tuig, navigeerkoepel, geprofileerde masten, doorgelatte zeilen, ballast en ballasttanks, maximaal rendabele waterlijnen, het hydroptère concept (1976) en zelfs foils (1979).

In 1997 wint hij met Yves Parlier nog de Transat Jacques Vabre. Maar ondanks zijn opleiding en al zijn ervaring, trapt hij in de nacht van 12 op 13 juni 1998 toch nog in de val van het noodlot. Hij belandt bij het nachtelijk reven van een voorzeil voor de kust van Wales in de Ierse Zee. Ook zeilhelden kunnen verdrinken. Pas op 20 juli wordt zijn lichaam door vissers gevonden. Eric Tabarly was getrouwd en had één dochter.

De terugkeer van de Penduick II in de OSTAR van 2016 illustreert de Franse verering van Tabarly. Helaas heeft de historische boot dit keer de overkant niet gehaald. Omdat Loïc Peyron zich na 12 dagen op 15 mei heeft moeten terugtrekken uit de wedstrijd wegens averij aan z’n voorzeil. Peyron kon niets anders meer, dan het roerend erfgoed met ruime koers terugzeilen naar Quiberon, sinds 50 jaar de thuishaven van de Penduick II. In Lorient bestaat zelfs het Cité de la Voile Eric Tabarly. Een soort bedevaartsoord voor Franse zeilgelovigen.

Met vriendelijke groet,

Bert Kuijpers,
schipper van Nauticlink

23/05/2016