Olympische waanzin verstoort de balans van het watersportverbond

Het Watersportverbond worstelt met tegenstribbelende leden. Nu is het Watersportverbond altijd al een kruiwagen vol kikkers met tegenstrijdige belangen geweest. Een vereniging van zeer uiteenlopende verenigingen vol leden met zeer uiteenlopende activiteiten. Daarbij maken de doorgeslagen eisen van de olympische wedstrijdsport de financiële situatie wel extra ingewikkeld. En nu ook nog eens de ledentallen teruglopen, heeft de kruiwagen z’n evenwicht verloren en rijdt hij pardoes het eigen bestuur omver. Discussie over koers, geld en bestedingen zijn tenslotte de meest voorkomende bron van ellende. Zo is de voorzitter van het Watersportverbond Harry Wagemakers begin dit jaar met onmiddellijke ingang opgestapt. Adieu en tabé wegens ‘gebrek aan vertrouwen en draagvlak’.

Het Watersportverbond is een verre van homogene beweging en viert – laten we zeggen – de nautische diversiteit. Het probleem is zeker ook niet nieuw. In 2010 schreven wij al ‘Saneren die olympische klassen…‘ en ‘De Prijs van de Medaille Rijst de Pan uit‘. Die paar succesvolle Nederlands olympische zeilboten slokten toen al een groot gedeelte van de financiële middelen op. Eén wereldtitel kwam toen in één jaar tijd op ruim een miljoen euro! Intussen is er geen spaan veranderd. Het internationale topsportzeilen, waarvoor het Verbond zelfs met de inzet van Frank van den Wall Bake (die in ons land de sportsponsoring zo’n beetje heeft uitgevonden), vooralsnog nauwelijks geldschieters kan krijgen (..), is er niet goedkoper op geworden. Volgens het NRC van 26 juli 2016 verscheepte het Verbond voor de Spelen in Rio vijf containers vol boten en spullen, vier voor het volle tarief van 10.000 euro – ‘de zeilers trainden al jaren op Braziliaans water (..) en wilden hun boten eerder ter plekke hebben’ – en ééntje vlak voor de Spelen voor een voordeliger tarief van de organisatie. ‘Grotendeels voor eigen kosten’. En dat was nog maar voor één wedstrijd…

We leven in tijden dat alles fijnmaziger, fijnzinniger en op een technologisch ‘hoger niveau’ moet worden gebracht. Met de hulp van sensoren ontstaat een soort ‘big data zeilen‘. Maar de betekenis van ‘niveau’ moet je ook zoeken in het feit dat Annemiek Bekkering en Annette Duetz – tweevoudige wereldkampioenen in de 49’er FX-klasse, maar welke Nederlander kent deze namen? – al twee zomers in Japan zijn geweest ‘om alles daar te optimaliseren‘ (..). Dat zijn ook geen reisjes zonder bagage. Zij zijn niet de enige. Kijk maar eens waar Laser Radial-zeilster Marit Bouwmeester de afgelopen jaren een top-drie plaats zeilde. Los van de minder succesvolle resulaten, de trainingen en een eerste verkenningsreisje naar Japan al in oktober 2016. Meezeilen in de top van de wereld is een geldverslindende hobby geworden. Op dit moment doen er in Australië bijvoorbeeld weer vier Nederlandse dames mee aan het WK Laser Radial en vier heren en één dame aan het WK windsurfenTeamNL Zeilen telt niet minder dan negen fulltime sporters voor een sport die men als één discipline ervaart: zeilen.

Nee, niets tegen sporten die miljoenen toeschouwers en fans trekken, hoge kosten maken en hun beoefenaars in de watten leggen en steenrijk maken. Een onvermijdbare gang van zaken. Maar van disciplines die de afgelopen decennia anderhalve paardekop aan publiek hebben getrokken, zoals al die verschillende zeilklassen, kun je je afvragen of miljoenen verslindende campagnes wel te rechtvaardigen zijn. Het lijken mij eerder overblijfselen van een olympische erfenis uit het verleden, die tot deze waanzin leiden. Het olympisch wedstrijdzeilen van ‘Team NL’ heeft zich kennelijk zo ontwikkeld, dat wie hiervoor kiest, ook maar zijn eigen financiële bron moet organiseren. In het oceaanzeilen van Mini Transat tot Vendée Globe is het nooit anders geweest.

Het ideaal van het Watersportverbond, dat tegelijk de belangen wil verdedigen van recreanten, amateurs en topsporters, lijkt z’n tijd gehad te hebben. Simpelweg omdat olympisch zeilen uit z’n kracht is gegroeid. Zowat tot in de hemel. Het zou het Watersportverbond wellicht kunnen helpen duidelijk te kiezen voor de verenigingen, de breedtesport en de recreatieve sportbeoefening. Voor de financiering van het kostbare olympisch ‘Team NL’-zeilen kun je maar beter een aparte onderneming oprichten. Van zo’n club zou het Verbond overigens nog altijd mede-aandeelhouder kunnen zijn.

Met vriendelijke groet,

Bert Kuijpers,
schipper van Nauticlink

Laat een bericht achter

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

X