Het Verbond van de Bovenstromers

De presentatie een paar weken terug van de nieuwe sponsor van het Watersportverbond door zijn directeur Arno van Gerven had een nieuwe Marten Toonder-uitgave kunnen betreffen: Heer Bommel en het Verbond van de Bovenstromers. Het Watersportverbond blijkt te denken in een ‘onderstroom’ (de verenigingen) en een ‘bovenstroom’ (de topsport). Het internationale verzekeringsbedrijf Allianz wil de nieuwe sponsoring van het orgaan, dat 400 aangesloten watersportverenigingen met meer dan 80.000 leden vertegenwoordigt, uitdrukkelijk tot die ‘bovenstroom’ beperken. Dit komt neer op het pikken van de promotionele krenten uit de pap. Het Watersportverbond staat erbij, kijkt ernaar, en concludeert dat de olympische gekte uiteindelijk maar collectief gefinancierd moet worden.

Die krentenpikkerij kun je Allianz niet eens zo kwalijk nemen. De verzekeraar – die van alles verzekert maar opvallend genoeg géén vaartuigen (..) – wil zijn investering promotioneel terugverdienen en Van Gerven bekrachtigt dat nog eens graag: ‘Allianz steekt haar geld in topsport en evenementen. Daar wil men onder de streep resultaat voor terugzien. Op de foto met de olympisch gouden medaillewinnaar, dát.’ Zo lezen we. Dus zullen de Allianz-euro’s alleen de topsport en ‘grensverleggende’ evenementen verrijken. Terwijl het Watersportverbond best weet dat zij haar bestaansrecht bij uitstek ontleent aan de ‘onderstroom’, laat het Verbond zich exclusief gebruiken voor de olympische marketing. Het heeft op dit moment in financieel opzicht ook geen andere keus. De NOC*NSF-tang waarin het Verbond – willens en wetens – is verzeild, is het gevolg van een veel te sterk geworden olympisch machtsblok bulkend van de financiële middelen, subsidies, loterijen, banen en baantjes voor alle maten ego’s, belanghebbende media, en ongewenst nationalisme.

Om deze status quo te laten voortduren, worden jonge sporters gek gemaakt om belangrijke jaren van hun leven te investeren in onzeker olympisch succes. Alsof dit ‘het hoogst haalbare’ is. Terwijl het risico juist levensgroot is, die jaren in alle anonimiteit te verspelen ten koste van een maatschappelijke ontwikkeling. De vorige Spelen hebben vier jaar lang gemiddeld vier miljoen euro per jaar gekost om alle Nederlandse kansen in de olympische medaille-carousel van alleen al het wedstrijdzeilen te optimaliseren. Het bracht inclusief het windsurfen twee gouden medailles op (Marit Bouwmeester en Dorian van Rijsselberghe), een paar banen en wat vertier voor een selecte groep. Tenslotte blijft deze tak van de zeilsport ook voor de NOS een verplicht nummer. Voor de koele rekenaar komen die twee plakken echter wel op acht miljoen euro per stuk.

De Olympische Spelen zijn verworden tot een totaal achterhaald fenomeen van monsterlijke proporties. Aan het eind van de negentiende eeuw goed bedacht door De Coubertinin in een tijd dat – oorlogen daargelaten – volkeren elkaar nog nauwelijks tegenkwamen. Ter bevordering van een gezond lichaam en internationale verbroedering. Maar nu we met z’n allen wereldburgers zijn geworden, ons massaal suf-fitnessen, en het jaarlijks internationale sportwedstrijden regent, hebben Olympische Spelen op deze schaal hun oorspronkelijke functie verloren. Te groot gegroeid, te kostbaar, in al z’n facetten te elitair, te veel uitwassen, te weinig controle en daarmee ook een bron van corruptie.

Van Gerven voelt al nattigheid en gaat bij de presentatie van de nieuwe geldschieter onder de titel ‘nieuwe sponsor kapitaliseert collectieve droom watersport’ (..) maar direct in de aanval. Over de verdeling van de binnengehaalde geldstroom zegt hij: “de wedstrijdlicenties worden er niet goedkoper van. Evenmin gaat de contributie voor het bondslidmaatschap ervan omlaag of worden er mogelijke gaten in de begroting mee gedicht…” Zelfs al is tachtig procent van de leden uit recreatieve overwegingen bij het Verbond aangesloten. De braaf contributie betalende ‘onderstroom’ zal moeten blijven bloeden voor de geldverslindende olympische droom ‘The Future is Water’ (..), die je – alweer volgens de directeur – dus ‘met elkaar moet financieren’… Weinig leden zullen die ‘plicht’ om indirect te moeten meebetalen aan de huidige Spelen zo voelen. Noch de slogan rond de ‘collectieve droom’ begrijpen. Behalve dat de zeespiegel toch al stijgt…

Nu ja, ter illustratie dat je topsport en sponsoring in de zeilsport ook anders kunt invullen, nog even de Vendée Globe en de 32-jarige Clarisse Cremer in het bijzonder. Welke zeiler is niet een beetje verliefd op haar geraakt? Slim, vrolijk, en voor de duvel niet bang, finishte deze levenslustige dame op 3 februari na een non-stop solo wereldomzeiling van 87d, 2u, 24m en 25s. Hiermee nam zij het Vendée Globe-record over van Ellen MacArthur (2000-2001). Naast de twaalfde plaats in het algemeen klassement blijkt zij ook nog eens een topper in marketing en promotie. Kijkt u hier maar eens. Over ‘bovenstroom’ gesproken. Wat mij betreft op afstand ‘de bovenste stroom’…

Uw mening hierover?
Mocht u willen reageren, dan kan dat hier

Met vriendelijke groet,

Bert Kuijpers,
opstapper van Nauticlink

20/02/2021

3 gedachten over “Het Verbond van de Bovenstromers”

  1. Wat mij betreft zijn uw overwegingen die ook bij mij leven. Het is nog erger; de overheid verstevigd de positie van het Watersportverbond door middel aan hen overheidstaken te laten uitvoeren. Kost de overheid nagenoeg niets en de Onderstroom krijg hogere kosten voor zijn rekening ter ere van de Bovenstroom.
    Deze kreten staan natuurlijk gelijk aan het Volk en de Elite. Er is een revolutie nodig om de daar een kentering (watersport term) te realiseren.

  2. Compleet uit zn krachten gegroeid,
    zoals zoveel organisaties in deze tijd .
    Verenigingen ….. verzet je tegen deze idioterie …. DOWNGRADEN IS HET MOTTO ….

    Ben oudere /wijzere watersporter ,
    Vaar al 60 jaar mee . De materie is mij dus niet vreemd .

    Deze problematiek speelt al heel lang .
    Grt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *